Antwoord

Uw (klein)kinderen lopen, als ze gezond zijn, geen gevaar als ze in uw buurt zijn als u MRSA heeft. Normaal contact zoals handen schudden of omarmen, zijn gewoon mogelijk. Na contact moeten alleen de handen gewassen en gedesinfecteerd worden.

Let op: Dit is slechts een richtlijn. Elk ziekenhuis heeft specieke MRSA-voorschriften. Raadpleeg bij twijfel altijd uw ziekenhuishygiënist!

Opmerkingen

Wel moeten natuurlijk hygiënische maatregelen in acht worden genomen, en wel de volgende:

  1. Bedek wonden en houdt natte wonden bedekt met schoon, droog verband. Pus van geïnfecteerde wonden kan MRSA bevatten en daarom is het van belang de wond bedekt te houden en verspreiding naar uw huisgenoten en anderen zoveel mogelijk te voorkomen.
  2. Regelmatig handen wassen: Uzelf en uw gezinsleden moeten regelmatig hun handen wassen met warm water en zeep of een alcoholbevattende ontsmetter gebriken, vooral na het wisselen van wondverband.
  3. Deel geen persoonlijke spullen zoals handdoeken, washandjes, scheermesjes, kleding die mogelijk in contact zijn geweest met de geïnfecteerde huid. Textiel dient heet gewassen te worden (60 graden) en het liefst gedroogd in een droger en niet aan de waslijn: Drogen in de wasdroger helpt de bacteriën te doden.
  4. Geef bij elk bezoek aan een arts of zorginstelling aan dat u MRSA-drager bent. Dan kunnen de juiste maatregelen worden genomen om verspreiding te voorkomen.

Voor alle duidelijkheid: voor gezonde mensen is het risico op een MRSA-infectie heel klein. Natuurlijk blijft er zoals bij alle infecties een medisch risico, maar zolang personen in de naaste omgeving of bezoekers van de MRSA-patiënt gezond zijn, is het voor niemand schadelijk om met een MRSA-patiënt in één ruimte te zijn. Normaal contact zoals handen schudden of omarmen, zijn gewoon mogelijk. Na contact moeten alleen de handen gewassen en gedesinfecteerd worden.

MRSA is niet bij al het contact van mens tot mens overdraagbaar. Het is ook absoluut niet zo dat hoe vaker u lichamelijk contact heeft met een MRSA-drager, hoe groter de kans is dat u zelf ook drager wordt. Voor MRSA-overdracht is de aanwezigheid van de volgende factoren vereist:

  1. Voldoende aantal MRSA-bacteriën op de huid van de MRSA-drager
  2. Direct en herhaaldelijk contact (blootstelling) met gekoloniseerde lichaamsoppervlakken van de MRSA-drager
  3. Overdracht van voldoende (veel) MRSA-bacteriën van de ene op de andere patiënt
  4. De MRSA’s moeten de huid/ het slijmvlies bereiken tijdens het contact
  5. Vermeerdering en behoud van de MRSA’s op de huid van de contactpersoon
  6. Aanwezigheid van risicofactoren bij de contactpersoon (antibiotica, wonden, katheters, etc).

U ziet dat overdracht van MRSA bij eenmalig contact nauwelijks mogelijk is. De kans op overdracht stijgt bij regelmatig en intensief contact of als op basis van medische maatregelen grote hoeveelheden van MRSA vrijkomen, zoals bij het leegzuigen van de longen via de luchtpijp maar dit is alleen in het ziekenhuis en daarom zijn in het ziekenhuis speciale beschermingsmaatregelen noodzakelijk en thuis niet. MRSA kan weliswaar ook in de lucht of op oppervlakken blijven overleven en vanuit daar op de huid van een mens terecht komen, maar daar is echter ook weer een frequent, meermaaldaags contact voor nodig.

Slechts bij de zogenaamde Community Acquired MRSA (CA-MRSA) vormen kinderen en jongeren een risicogroep. Dit type MRSA moet niet verward worden met de in het ziekenhuis opgelopen MRSA. CA-MRSA wordt niet gevonden bij oude en zieke personen, maar bij jonge mensen die nog nooit in een ziekenhuis zijn geweest. Echter, als bovenstaande richtlijnen goed worden opgevolgd, is het risico op CA-MRSA ook niet groot.

Voorbeelden

.